Deel 1 – Het begon allemaal met twee dochters en een zwembad

Gepubliceerd op 2 september 2026 om 09:37

Sommige verhalen beginnen met een groot plan.

Dit verhaal niet.

Dit verhaal begon eigenlijk heel gewoon.

Met twee dochters.

Mijn vrouw en ik brachten onze meiden natuurlijk naar zwemles. Zoals zoveel ouders stonden we langs de kant, haalden we ze op, brachten we ze weer naar huis en waren we vooral ontzettend trots als ze weer een stapje verder waren gekomen.

Mijn oudste dochter is inmiddels 17 jaar en een prachtige, slimme jonge vrouw die nog steeds ontzettend graag zwemt. En het mooie is: sinds een paar maanden heeft ze zelfs haar eigen trainersdiploma op zak.

Maar daar waren we toen natuurlijk nog lang niet.

Toen ze klein was, begon het allemaal in het lokale zwembad.

Eerst in allerlei groepjes met verschillende kleuren. Iedere keer weer een stukje verder. Een nieuwe oefening, een nieuw niveau en uiteindelijk het moment waarop ze naar het diepe mocht.

Dat duurde bij haar misschien wat langer dan ze zelf had gewild.

Maar één ding was al snel duidelijk:

ze had gevoel voor water.

Ze genoot ervan.

Van de vrijheid.

Van het water om haar heen.

Van het samen zwemmen met andere kinderen.

En iedere keer als ze weer iets nieuws kon, was dat thuis natuurlijk groot nieuws.

Van de eerste spannende sprong in het diepe tot steeds verder onder water zwemmen.

Op een gegeven moment zelfs zeven meter onder water en door het gat heen.

Als ouder geniet je daar enorm van.

Want je ziet niet alleen een kind zwemmen.

Je ziet een kind iedere keer een klein stukje zelfstandiger worden.

En eigenlijk is dat iets wat ik nu, zoveel jaren later, nog steeds herken in iedere training die ik geef.

Een klein stapje beter dan de vorige keer.

Na het zwem-ABC was het even stil

Toen de zwemdiploma's binnen waren, leek het zwemavontuur even voorbij.

Het zwem-ABC was gehaald en daarmee was het voor ons eigenlijk klaar.

Tot er een tijdje later nieuwe lessen kwamen: zwemvaardigheid.

En laat ik eerlijk zijn…

Onze dochter hoefde daar niet lang over na te denken.

Ze wilde weer naar het zwembad.

Weer lekker zwemmen.

Weer bezig zijn met water.

En dus stonden we opnieuw in dat bekende zwembad.

Misschien had ik toen al moeten weten dat het zwembad voorlopig een behoorlijk belangrijke plek in ons gezinsleven zou blijven.

Maar wedstrijdzwemmen?

Daar dachten wij toen nog helemaal niet aan.

Tot er op een dag ineens een vraag kwam die ons als ouders toch even aan het denken zette.

“Papa en mama… mag ik bij een zwemvereniging?”

Daar moesten papa en mama toch even over nadenken.

Want waarom wilde ze dat eigenlijk?

Een vriendinnetje had haar uitgenodigd en natuurlijk wilden we eerst maar eens gaan kijken.

Dus daar stonden we.

Zonder zwemspullen.

Gewoon even kijken.

En wat ik toen zag, maakte behoorlijk indruk.

In verschillende banen werd getraind. Verschillende groepen, verschillende leeftijden en vooral…

wat ging dat hard!

Ik zag grote jongens en meiden — sommigen volgens mij ergens tussen de vijftien en vijfentwintig jaar — met enorme snelheid door het water gaan.

De golven klotsten door het zwembad.

En ik keek naar mijn kleine meisje.

Heel eerlijk?

Ik vond het best spannend.

Moest zij daar straks tussen zwemmen?

Was dit niet veel te veel?

Was ze hier al wel klaar voor?

We gingen uiteindelijk weer naar huis.

Zonder zwemspullen.

En ik weet nog heel goed dat ze na thuiskomst vroeg:

“Waarom mocht ik mijn zwemtas eigenlijk niet meenemen?”

Tja…

Dat was duidelijk.

Niet mijn dochter was de remmende factor.

Dat was papa.

“Ik vind het veel te vroeg…”

Die avond zaten mijn vrouw en ik op de bank.

Ik weet nog dat ik tegen haar zei:

“Ik vind het echt veel te vroeg om haar tussen dat grote geweld te laten zwemmen.”

En daar zat voor mij op dat moment ook echt iets van zorg achter.

Ik wilde haar beschermen.

Niet tegen het zwemmen zelf, want zwemmen vond ze geweldig.

Maar tegen iets waarvan ik dacht dat het misschien nog een stap te groot was.

De volgende dag kwam natuurlijk de vraag opnieuw.

“Papa, mag ik op wedstrijdzwemmen?”

Mijn antwoord was voorzichtig.

Ik vond het spannend.

Ik vond haar nog te jong.

En dus probeerden we het nog even tegen te houden.

Maar kinderen hebben soms een heel bijzonder talent.

Ze kunnen een vraag namelijk gewoon opnieuw stellen.

En opnieuw.

En opnieuw.

Een paar maanden later kwam er via een vriendinnetje een nieuwe mogelijkheid.

Een proeftraining.

Misschien was dat dan toch het moment?

Met knikkende knieën stemden we toe.

Maar ik had één duidelijke voorwaarde:

ik ging mee.

Niet naar de tribune.

Ik wilde aan de badrand staan.

Kijken.

In de gaten houden.

En vooral zelf ervaren wat daar nu eigenlijk gebeurde.

En zo stond ik daar.

Voor het eerst echt langs de badrand bij een wedstrijdzwemtraining.

Mijn dochter het water in.

En ik langs de kant.

Ik wist het toen nog niet…

maar die plek langs de badrand zou uiteindelijk een heel bijzondere plek voor mij worden.

Want niet veel later zou er vanaf precies die plek een vraag komen die mijn leven binnen de zwemsport behoorlijk zou veranderen.

Een vraag waarvan ik op dat moment nog geen idee had waar die uiteindelijk toe zou leiden.

“Patrick, je bent hier inmiddels wel heel vaak… zou je misschien ook eens aan de badrand willen staan?”

Wordt vervolgd… 🏊‍♂️